In de MAXklas voelen we ons thuis/Het Kontakt 10-03-2020

Afbeelding Afbeelding Afbeelding Afbeelding Afbeelding

• Marije Ruben, Lynn en Fey overleggen over een opdracht.

• Marije Ruben, Lynn en Fey overleggen over een opdracht. (Foto: André Bijl)

‘In de MAXklas voelen we ons thuis’

VIANEN • KinddCentrum Werelds aan Het Slijk in Vianen heeft twee MAXklassen met ongeveer twintig hoogbegaafde leerlingen. ‘Hoogbegaafdheid houdt veel meer in dan alleen maar heel intelligent zijn’.

Marije Ruben is leerkracht van de MAXklas voor de ‘bovenbouw’ met 21 leerlingen van acht tot twaalf jaar. De leerlingen komen uit Vianen, maar ook uit de omgeving.

Hoogbegaafd
Volgens de statistieken is zo’n 2,5 procent van de kinderen hoogbegaafd, als ‘norm’ wordt vaak een IQ van 130 gehanteerd. De meeste hoogbegaafden hebben behoefte aan speciaal onderwijs. “Maar”, zegt Marije Ruben, “Een hoogbegaafde leerling is meer dan een uitstekende VWO-er.”

Volgens de leerkracht zijn kenmerken van hoogbegaafdheid dat leerlingen kritisch en autonoom zijn. “Ze nemen zelf beslissingen. Vaak zijn ze perfectionistisch en gevoeliger dan andere leerlingen. Gevoelig voor licht of geluid, maar ook voor emoties. Ze zijn creatief in hun denken en denken buiten de vaste kaders. Dat proberen we ook te stimuleren.”

Anders
Volgens Ruben zijn veel hoogbegaafde leerlingen niet gelukkig in het reguliere basisonderwijs. “Ze schakelen en denken snel, zijn breed geïnteresseerd, bereiken snel een hoog niveau en voelen zich daardoor ‘anders’ dan hun klasgenoten. Bovendien wordt hun humor vaak niet begrepen. Dit leidt er toe dat hoogbegaafden zich eenzaam kunnen voelen.”

Het kan leiden tot problemen in de klas. “Vooral bij jongens. Hun hoogbegaafdheid wordt daardoor eerder onderkend. Bij meisjes valt het minder snel op. Die maken zich onzichtbaar en passen zich aan.”

“Dat zorgt er voor dat twee keer zoveel jongens als meisjes als hoogbegaafd te boek staan. Maar ook meisjes zijn gebaat bij speciaal onderwijs. Pas later hoor je verhalen dat ze daarvoor slecht sliepen, buikpijn hadden of niet zindelijk waren. Als ze in de MAXklas of soortgelijk onderwijs komen, zijn die klachten meestal snel voorbij.”

Vooroordelen
De gedachte dat meer jongens dan meisjes hoogbegaafd zijn, is niet het enige vooroordeel. “Veel mensen denken dat hoogbegaafden niet sociaal en lastig zijn, dat ze in leervakken goed zijn, maar motorisch niet uit de voeten kunnen. Meestal klopt dat niet”, zegt Ruben.

Lesgeven aan hoogbegaafden is een uitdaging voor de leerkrachten. “De leerlingen zijn niet overal goed in. Bij sommige onderdelen liggen ze twee jaar voor op hun leeftijdsgenoten, andere dingen lukken minder goed. Een deel van de hoogbegaafden is zwak in spelling. Vaak kennen ze de tafels niet uit hun hoofd, omdat ze gewend zijn de sommen gewoon uit te rekenen.”

“Vandaar dat alle leerlingen een eigen ontwikkelingslijn volgen met leerstof op maat. Ik heb leerlingen die hun eigen muziek componeren of kleding ontwerpen en die vervolgens ook maken. Anderen zijn bezig met het schrijven van computerprogramma’s. We dagen ze uit hun dromen uit te laten komen.”

Gelukkig
Bij de lessen worden wel doelen gesteld, maar de leerlingen mogen zelf weten hoe ze die bereiken. “We zijn bezig met een project over jagers en boeren. De leerlingen mogen daarbij kiezen uit allerlei verwerkingsvormen.”

“Ze mogen een spel maken, met Minecraft een eigen wereld bouwen, een verhaal schrijven of een kijkplaat maken. Een meisje zei: ‘ik houd niet van geschiedenis, maar ik kan niet wachten tot we hiermee beginnen’. De voorbereiding van de lessen kost veel tijd, maar het is vreselijk leuk om te doen. Ik word hier zelf zo gelukkig van.”

Lastig
Lynn (12) en Fey (11) zitten vanaf de start in de MAXklas. Beiden hadden het lastig op hun ‘gewone’ school. Lynn: “Ik vond het werk niet uitdagend en was daardoor snel afgeleid. Vervolgens kreeg ik het niet af en dacht de juf dat ik het niet snapte. Daarom kreeg ik meer makkelijk werk. Dat hielp niet echt.”

Fey: “Ik kon al lezen en schrijven voor ik naar groep 3,4 ging. Toen ik in groep 3 zat, had ik mijn werk zo af. Dus ging ik stiekem meedoen met groep 4. Mijn moeder vroeg of ik misschien moeilijker werk mocht doen. De juf zei: ‘dat kan ze toch niet’. Ik vond dat heel erg, ik weet het nu nog.”

Leuke dingen
Beide meiden bevestigen dat er vooroordelen bestaan rond hoogbegaafdheid. “Andere leerlingen zeggen: ‘Jullie zitten in de MAXklas, dan weet je toch alles’. Ook zijn ze wel eens jaloers, omdat ze denken dat wij alleen leuke dingen doen, zoals Minecraft.”

Lynn en Fey benadrukken dat hoogbegaafd niet hetzelfde is als slim. “In sommige dingen zijn we misschien slimmer, maar onze klas zit ook vol klunzen. We denken vooral op een andere manier.”

Naar hun zin
In de MAXklas hebben ze het erg naar hun zin. “We doen zoveel leuke en creatieve dingen waar we ‘los’ mee kunnen gaan. Bovendien voelen we ons hier thuis. Andere kinderen zijn heel aardig, maar snappen ons niet altijd. Ze zijn vaak bezig met dingen waar wij geen belangstelling voor hebben. En andersom.”

“Daarom is het zo fijn in de MAXklas. We begrijpen elkaar. Dat geldt ook voor onze juf. Die is ook hoogbegaafd, ze heeft hetzelfde meegemaakt als wij.”

Donderdag 2 april van 20:00-21:00 uur is er een informatieavond. Meer info: www.maxklas.nl.

André Bijl

Comments are closed.